Clienten geven Bureau Jeugdzorg Flevoland een voldoende

In oktober 2009 heeft Bureau Jeugdzorg Flevoland 526 cliënten (ouders en jongeren) telefonisch geïnterviewd. Dit is 39% van de 1345 cliënten Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, een zeer hoog percentage. Voor het onderzoek werd de C-toets gebruikt. Dit is een landelijk inzetbare vragenlijst die een goed inzicht geeft in hoe cliënten de kwaliteit van de jeugdzorg ervaren. Uiteindelijke doel: verbeteringen in de jeugdzorg doorvoeren.

 


Rapportcijfer 6,6
Het gemiddelde rapportcijfer voor Bureau Jeugdzorg
Flevoland is een 6,61. Het gemiddelde rapportcijfer
voor de afdeling Jeugdreclassering is 7,23 (jongeren)
en 7,21 (ouders). De afdeling Jeugdbescherming krijgt
een gemiddeld rapportcijfer van 6,35 (jongeren) en
5,44 (ouders).

 

Aandachtspunten
De uitkomsten van het uitgevoerde cliënttevredenheids-
onderzoek levert een aantal aandachtspunten op. Deze
aandachtspunten én de tips die jongeren en ouders
hebben gegeven, worden serieus genomen. Bureau
Jeugdzorg Flevoland heeft inmiddels al een aantal ideeën
verwerkt in een plan van aanpak. Dit plan wordt in
september 2010 geëvalueerd. Eind mei 2010 worden
de uitkomsten van het onderzoek alsmede het plan van
aanpak besproken met de cliëntenraad.

 

Jeugdreclassering
Jeugdreclassering krijgt hoge scores van jongeren en
ouders. Zowel jongeren als ouders zijn erg positief over
hun jeugdreclasseerder. Veel jeugdreclasseerders slagen
erin om de juiste toon aan te slaan tegen jongeren en er
bestaat in de meeste gevallen een goede relatie tussen
jeugdreclasseerder en jongere. Een punt van aandacht is
de effectiviteit van de hulp. Zowel jongeren als ouders zetten hun vraagtekens hierbij. Jongeren vinden daarbij de opdrachten van de jeugdreclasering saai en tijdrovend. Een ander punt van aandacht is de lange periode tussen delict en start van de jeugdreclassering; dit zou sneller moeten volgens ouders en jongeren. Een aantal ouders is minder tevreden over de informatie die ze krijgen over de hulp: ze willen graag meer informatie en zouden meer betrokken willen worden.

 

Jeugdbescherming
De scores op de stellingen bij de jeugdbescherming zijn vrij laag. De hoogste scores bij de ouders gaan over hun eigen kennis van de hulp. Stellingen over de effectiviteit van de hulp scoren over het algemeen laag. Uit de open vragen blijkt dat ouders tevreden zijn over hun gezinsvoogd als zij een goed contact hebben met deze persoon en zij zich geholpen voelen. Ze zijn minder tevreden als er te weinig contact is, ze zich niet serieus genomen voelen en als de gezinsvoogd niet daadkrachtig optreedt. Jongeren zijn over het geheel genomen positiever over de jeugdbescherming. Meerdere jongeren noemen dat ze zich geholpen en gesteund voelen. Wel vinden zij net als de ouders dat er te weinig contact is. Zowel jongeren als hun ouders zijn minder tevreden over de bereikbaarheid van gezinsvoogden.

 



< Terug naar overzicht